|




| |
|
Ouddorpse
reddingsbrigade
redt drie kanoërs
Auteur: Axel Schoevers
Foto's: Han Kreuk
|
|
Bovenstaande kop stond gelukkig niet in de
krant.
De reddingsbrigade van Ouddorp hield op dinsdag 3 augustus 1999 een
reddingsoefening. Onno was gevraagd of er drie vrijwilligers waren voor het
spelen van kajakslachtoffer. Hij had wijselijk zichzelf al aangewezen. Voor
de twee overige deelnemers werd geloot onder de deelnemers aan het zeekamp.
Nu was het bijzonder dat niet gelijk iedereen in aanmerking wilde komen.
Een stuk of twaalf papiertjes verdwenen in
een mandje. De twee ‘gelukkigen’ waren Arjan en ik. Bij de briefing op
maandagmiddag werd al snel duidelijk dat we alleen mochten weten waar en
wanneer. Op zich logisch, want bij een echte redding is er ook geen
voorwetenschap.
Toen wij ons om 13.00 uur bij de reddingsbrigade meldden kregen we handen
vol verlopen vuurwerk. Helaas geen vuurpijlen.
Vorig jaar moest tijdens de oefening de politiehelikopter een nood manoeuvre
maken om een vuurpijl te ontwijken. |
Ik had me al verheugd op het
afschieten van een Pains-Wessex vuurpijl vanuit de kajak of het water.
Desnoods een vuurpijl van mijzelf. We kregen ieder twee handfakkels en Onno
kreeg nog een rookpot mee. Ik kende tot nu toe slechts de vuurpijlen,
nicosignalen en een handrooksignaal.
Het draaiboek werd al gelijk in de war gegooid omdat de Sea-King-helikopter
vanuit België in verband met andere afspraken vroeger arriveerde. Voor ons
het signaal om alvast richting onze positie te varen. Wij hoopten even op
windkracht 10, maar die bleef uit.
Het bleek nog lastig om iemand vanuit de helikopter op een varende
rubberboot te droppen. Wel spectaculair.
Nadat de duikers hun handfakkels aanstaken gingen wij langs de Zeemanspot
liggen. Even later instrueerde de ‘regisseur’ op een rubberboot ons richting
strand te varen.Twee moesten omgaan.
De derde mocht in de kajak blijven zitten.
Onno wilde niet nat worden. Ik kon het niet laten om toch nog even een
rolletje te maken. In hoeverre de meute op het strand dit opviel was
natuurlijk de vraag.
|

|
Het liefst hadden
we natuurlijk in tien minuten laten zien dat we onszelf kunnen redden met
x-reddingen, etc.
Hierin was echter in het draaiboek niet voorzien.Het valt niet mee de kajak
en peddel vast te houden en een handfakkel te ontsteken.
Arjan en ik hadden elk twee verschillende handfakkels. De ontsteking zat bij
de ene beneden en bij de andere boven.
Arjan bleek in de verwarring van het moment één van de fakkels aan de
verkeerde kant vast te houden.
Gelukkig liet hij tijdig los; blurb, blub, blub. Ik heb zelf weinig van de
fakkels gezien. Het licht is zo fel dat ik mijn hoofd moest afwenden.
Onno ontstak de rookpot. Deze blijft drijven. De pot geeft oranje rook, maar
de hoeveelheid viel mij tegen.
Met harde wind en golven zal er niet veel van zichtbaar zijn. Voordeel is
wel de lange brandduur van vier minuten.
Toen het vuurwerk op was nog even op het fluitje geblazen en met de armen
gezwaaid.
Ik heb ook mijn strobelicht aangezet, maar aangezien ik op mijn rug aan de
voorpunt van mijn kajak hing, heb ik alleen vissen weggejaagd.
Die werkt dus beter andersom. Dus als iemand mij nu zegt dat mijn
strobelicht op zijn kop hangt, dan is het maar hoe je het bekijkt.
Onze redding kwam op gang met drie rubberboten die op ons afstormden. Het is
lastig om met een vol zwemvest op de rubberboot te klauteren.
Een van mijn zakjes bleef steken en scheurde gedeeltelijk in.
Voor de redders zou het handig zijn te weten dat je een zeekajak op zijn kop
leegmaakt door de voorpunt op te tillen.
Hier moest ik dit instrueren. Het tillen van mijn kajak op de rubberboot
ging gemakkelijk, maar eigenlijk zou dit met een zwaar beladen kajak
geprobeerd moeten worden. Met ruw weer zal de kajak waarschijnlijk aan zijn
lot worden overgelaten.
De gashendel was namelijk moeilijk bereikbaar met de kajak op het dek. We
werden naar het strand gevaren.
Hierbij werden wij gewisseld voor onderkoelde opblaaspoppen. Ik werd door de
omroeper ‘geïnterviewd’: Harde wind, koud, oververmoeid, vertrokken van
Springerdiep. Er is enig acteertalent voor nodig om dit te beweren op deze
warme zomerse dag met windkracht 3.
Voor Arjan en mij was de redding voorbij toen we in de achterbak van een
terreinauto mochten zitten.
We moesten er direct weer uit omdat er een ‘reanimatie’ was.
Onno had acute hartstilstand. Dat de oefening zeer nuttig is voor de
vrijwilligers bij de reddingsbrigade bleek uit het tillen van de brancard
met Onno. Links en rechts moeten wel mensen van ongeveer dezelfde lengte
staan. Onno was vastgesnoerd en stond volgens mij doodsangsten uit.
Hij werd wel echt met de terreinauto afgevoerd. Vastgesnoerd en wel over het
hobbelige strand; boink, boink, boink.
Toen Onno miraculeus hersteld was werd het tijd voor de terugtocht naar
Springersdiep.
Al met al een geslaagde oefening. Ik hoop dat de Ouddorpse reddingsbrigade
de volgende jaren weer hun reddingsoefening laat samenvallen met het
PeddelPraat zeekamp en dat er dan wat extra tijd is zodat ook kajakreddingen
kunnen worden gedemonstreerd.
Op het strand bevond zich geluidsversterking en een omroeper, dus alle
acties zouden van commentaar voorzien kunnen worden.
|
|

|
|
|